Gezond leven

Opbrengst en advies

Op deze pagina kunt meer lezen over het gesprek met de stad op het thema Gezond Leven. Hoe kan de gemeente bevorderen dat iedereen zijn weg vindt naar passende zorg? Hoe kunnen we er samen voor zorgen dat iedereen betrokken blijft en Zaankanters niet vereenzamen. En wat is er nodig om gezond bewegen mogelijk te maken voor alle leeftijden? 

Gezondheid betekent meer dan wel of niet ziek zijn. Daarover is iedereen het eens. Op vele manieren kunnen we gezamenlijk werken aan bevordering van gezondheid in Zaanstad. Vele organisaties en vrijwilligers zijn al actief in de zorg maar blijken elkaar nog niet allemaal te kennen. De gemeente kan in de verbinding van organisaties en initiatieven een rol spelen en de kracht van de samenleving versterken.

De stad wil ook dat we blijven uitgaan van wat mensen wel kunnen, ook als zij moeite hebben om mee te doen als gevolg van een beperking, fysiek dan wel sociaal of financieel. We moeten ervoor waken dat we ons alleen richten op jong en oud. De grote groep mensen tussen 45 en 70 jaar oud zijn de ouderen van binnenkort. Eenzaamheid onder met name mannen in die leeftijd moeten we niet onderschatten.

Er kwamen mooie voorbeelden en ideeën langs om op creatieve wijze gezond leven te stimuleren. Zoals het scholierenplan van atletiekvereniging Lycurgus die in samenwerking met middelbare scholen naschoolse sportactiviteiten aanbiedt. Of nieuw sportaanbod zoals walking football voor 50-plussers. En het idee om speelplekken multifunctioneler te maken zodat opa’s en oma’s – maar ook buurtbewoners - ook kunnen bewegen op het speelpleintje van hun kleinkinderen. Gezondheid is in eerste instantie de verantwoordelijkheid van ieder persoonlijk, maar gezamenlijk kunnen we effectiever werken aan een gezonde stad.

“Meer contacten tussen jong en oud dragen bij aan plezier en meer wederzijds begrip”

 

“Eenzaamheid treft niet alleen ouderen, laten we de vijftigers en zestigers onder de mannen niet vergeten”

 

“Op kinderspeelplaatsen zijn beweegtoestellen voor de opa's en oma's ook een aanwinst”

Gezond leven – Hoe kan de gemeente bevorderen dat iedereen zijn weg vindt naar passende zorg?

Zaanstad is rijk aan organisaties en vrijwilligers die zich met zorg bezig houden. De kracht van deze partijen kan worden vergroot als deze elkaar beter leren kennen. Zij hebben onmiskenbaar die behoefte ook. Zij denken ook dat Zaanstad hierin een faciliterende rol kan spelen en de verschillende initiatieven mogelijk een platform bieden.
De gemeente gaat samen met de in 2019 vernieuwde wijkteams (SWT) bekijken hoe dit het beste vorm kan krijgen. Belangrijke vragen daarbij zijn: organiseren we dat per wijk, gebied of stadsbreed? Hoe blijft de bedachte vorm ook op de langere termijn levendig en effectief? De gemeente kan overleg faciliteren en een platform bieden. Het is aan de partners in de stad om die samenwerking vervolgens krachtig en blijvend te laten zijn.

De stad 

Advies 

We zijn met velen in de stad bezig met zorgverlening. Het zou goed zijn als de
gemeente ook na de ‘150 dagen’ netwerkbijeenkomsten organiseert die
organisaties en vrijwilligers bij elkaar brengen.

Er gebeurt veel in Zaanstad, maar mensen weten het niet. Meer promotie van alle activiteiten en inzet is nodig. De gemeente kan een online platform faciliteren en netwerkbijeenkomsten organiseren voor partners om elkaar te leren kennen.
Hierdoor worden activiteiten mogelijk meer kosteneffectief.
Mensen die niet digitaal vaardig zijn of problemen hebben met de
Nederlandse taal, kunnen dan via het wijkteam geholpen worden.

Dat partijen in de wijk elkaar niet kennen, komt voor. Tegelijkertijd is het ook de eigen verantwoordelijkheid van de zorgpartijen om zichzelf te positioneren in de wijk en bewust te zijn van hun plek in de wijk. Het programma Jongeren op Gezond Gewicht (JOGG) kan hierbij een voorbeeld zijn. De JOGG heeft gezondheidsnetwerken
opgezet, waarin professionals elkaar leren kennen en vinden als het gaat om
overgewicht. Het kost veel tijd om deze netwerken op te zetten en te onderhouden.
Maar hier liggen wel kansen, ook voor andere gezondheidsvragen.
Misschien kunnen bewonerscommissies in wijken ook een verbindende functie
hebben als het gaat om zorg

De online sociale kaart, die een overzicht biedt van (Zaanse) organisaties die ondersteuning bieden op het gebied van zorg en welzijn, wonen, jeugd en gezin of
werk en inkomen, is eigenlijk te abstract.


De wijkteams (SWT) krijgen de nieuwe contracten vanaf 2019 nadrukkelijker de opdracht om netwerken in de wijken te verstevigen. Ook zullen zij beter duidelijk maken wat hun aanbod is en bij wie je terecht kunt voor welke vragen. Dit doen zij in nauw overleg met wijkmanagement, buurthuizen en andere partners. De vragen, tips en suggesties van de stad komen hierbij aan bod .

In de eerste helft van 2019 bespreekt de gemeente met de Sociaal Wijkteams het idee om jaarlijks een stedelijke netwerkbijeenkomst te organiseren (eerder zijn vergelijkbare bijeenkomsten gehouden onder de noemer ‘Braderie’). Samen bekijken we wat de beste vorm daarvoor is en wie daarvoor worden uitgenodigd. De gemeente zal deze bijeenkomst in 2019 in elk geval faciliteren. Na een evaluatie plaats wordt bekeken hoe dit na 2019 verder vorm krijgt.

 Het stimuleren van netwerken en verbinding maken gebeurt ook door de actieve ondersteuning van de buurthuizen in Zaanstad en door de subsidiëring van initiatieven van Zaankanters in hun buurt of wijk.
Als het gaat om het betrekken van ideeën en belangen van mensen met een beperking, heeft Zaanstad het
platform voor clientparticipatie ingericht. 

De opmerkingen over de sociale kaart herkennen we. Het blijft lastig om een actueel en bruikbaar overzicht te bieden, dat ook echt aansluit bij de behoeften en het online zoek-gedrag van de gebruikers (zowel bewoners als vrijwilligers en professionals). In het kader van innovatieve communicatie onderzoeken we begin 2019 of we kunnen aansluiten bij een app die is ontwikkeld door Deventer en enkele andere gemeenten. In die app kan ook een (vorm van een) sociale kaart worden opgenomen.

Gezond leven – Hoe kunnen we voorkomen dat we moeten genezen?

Gezondheid is in eerste instantie niet het domein van de gemeente maar van het individu. Gezondheid betekent ook niet alleen dat je wel of niet ziek bent. Over deze opvatting zijn stad en gemeente het eens. Op vele manieren kunnen we gezamenlijk werken aan bevordering van gezondheid in Zaanstad. Veel mensen noemen preventie en verbinding van krachten als sleutelbegrippen. Alle gesprekspartners willen hierin iets betekenen.
Wij nemen de geluiden uit de stad mee in de gezondheidsvisie die in het tweede kwartaal van 2019 gereed is. Dit voorjaar werken we ook toe naar  een Pact voor gezondheid.

De stad 

Advies 

Bij gezondheidsbeleid wordt meestal gesproken over jeugd en ouderen. Als we
het hebben over preventie, moeten we echter ook oog hebben voor de hele grote groep mensen daartussen. De volwassenen van nu zijn straks ouderen. Preventie
 is belangrijk.

Het belang van preventie herkennen wij en agenderen wij bij het maken van de gezondheidsvisie. Wij nemen daarbij - evenals ‘de stad’- als uitgangspunt dat gezondheid de verantwoordelijkheid is van het individu. 

De gezondheidsvisie maken wij samen met de GGD, onderwijsinstellingen, Sociaal Wijkteams, het Sportbedrijf, sportverenigingen, Jeugdteams, Centrum Jong, gezondheidsnetwerken en de huisartsen. Daarnaast zijn ook andere relevante partijen uitgenodigd, zoals organisaties  die zich bezig houden met kunst en cultuur, werkgevers, woningbouwcorporaties en ontwikkelaars. 

De gemeente kan meer aansturen op rookvrije zones waar kinderen komen.
Denk aan scholen, speeltuinen en sportclubs. Is dit dwingend mogelijk via gemeentelijke verordeningen?

In het licht van ‘gezond opgroeien’ betrekken wij deze ideeën ook bij de gezondheidsvisie.

Kunnen we via vergunningen regelen dat ongezonde zaken als slechte voeding,
drank, roken niet beschikbaar zijn of voorkomen bij openbare evenementen
voor met name kinderen? Cultuurverandering in de sportkantine kost namelijk
veel tijd. Ouders van jonge leden zijn voor rookvrij, maar de oudere leden hebben
daar moeite mee.
Het verenigingsleven op een sportclub is overigens een mooi sociaal gebeuren en draagt als zodanig bij aan gezond leven.
Kan de gemeente sportverenigingen helpen om een alternatief ‘gezond’
verdienmodel voor de kantine te bedenken?

Voor beleid ten aanzien van ‘gezonde evenementen’ hebben wij nog geen afspraken. 

Wel besteedt JOGG-Zaanstad (Jongeren op Gezond Gewicht) en het Sportbedrijf aandacht aan de gezonde sportkantine. Zij onderhouden daarvoor contact met TeamFit NL

Het thema ‘gezonde sportvereniging’ past in de lijn van gezond opgroeien en zullen wij ook opnemen in de gezondheidsvisie.

Het wegnemen van gezondheidsverschillen is een grote opgave voor de gemeente. Alle kinderen zijn leerplichtig, dus het onderwijs moet worden benut. Brede school activiteiten dragen hier aan bij, maar het kan meer en beter.

GGD, scholen en gemeente werken samen om elke school een certificaat te laten halen van Gezonde School. Op dit moment hebben 16 scholen in Zaanstad zo’n certificaat en meerdere scholen zijn bezig om naar zo’n certificaat toe te werken. Bij de brede school wordt ook zeker aandacht besteed aan gezondheid. Zo is er met name extra aandacht voor wijken waar grote gezondheidsverschillen bestaan, bijvoorbeeld in relatie tot het Actieplan Poelenburg/Peldersveld.

Gezond leven – Hoe houden we iedereen erbij en voorkomen we eenzaamheid?

Vele mensen in Zaanstad maken zich zorgen over toenemende eenzaamheid bij anderen, zoals bewoners in de eigen buurt. Eenzaamheid is niet altijd gemakkelijk te herkennen. Eenzame mensen weten dat vaak te verbloemen. Die eenzaamheid is ook de reden dat betrokkenen vaak niet weten dat er al veel initiatieven zijn om mensen bij de gemeenschap te betrekken en de eenzaamheid te doorbreken.

Er zijn mooie voorbeelden van het betrekken van (eenzame) ouderen bij de huidige tijd. De ouderenbonden bijvoorbeeld hebben georganiseerd dat jongeren de ouderen leren omgaan met iPads, terwijl de ouderen de jongeren op hun beurt leren koken.

De gemeente wil meer vaart zetten achter de aanpak van eenzaamheid. Daarbij kijkt ze ook naar nieuwe kleinschalige woonvormen voor ouderen met gemeenschappelijke ruimten waarin men elkaar kan treffen.

De stad 

Advies 

Het is goed om meer contacten tussen jong en oud te organiseren. Dat draagt bij
aan meer wederzijds begrip. Jongeren zien ook hoe zij ouderen kunnen helpen.
De ouderenbonden bijvoorbeeld hebben georganiseerd dat jongeren de ouderen
leren omgaan met iPads, terwijl de ouderen de jongeren op hun beurt leren koken.

Er zijn veel initiatieven die de spiraal van eenzaamheid proberen te doorbreken,
maar deze zijn vaak nog onvoldoende bekend. We moeten kijken hoe we dit
kunnen verbeteren.


Maar als die initiatieven bekender worden, is het nog maar de vraag of daarmee
juist de eenzame mensen worden bereikt. Er zijn mensen die met niemand contact hebben en die niemand in beeld heeft. En die waarschijnlijk niet die stap zetten om gebruik te maken van het aanbod dat er is. Dat kan onder meer te maken hebben
met schaamte: je wilt niet laten zien dat je eenzaam bent.


Het is belangrijk dat mensen in de buurt oog voor elkaar hebben, naar elkaar
omzien. Dat er altijd maar een iemand is die contact heeft met die eenzame
persoon heeft of signaleert dat er mogelijk iets aan de hand is. Dat kunnen we
allemaal zijn, in onze buurt of wijk. Een voorbeeld: De caissières van de
Albert Heijn zien ook veel!


Kan er in iedere wijk niet één plek voor ontmoeting zijn? Een wijk heeft een
plek nodig, waar het gezellig is, waar jong en oud met elkaar in contact kunnen
komen en bovenal waar de drempel laag is. Pas dan komen ook wellicht de
moeilijk te bereiken mensen. Er liggen mogelijkheden met de wekelijkse buurtmaaltijden die al op diverse plekken zijn.


Als we het over eenzame mensen hebben, denken we vaak alleen aan mensen
ouder dan 70 jaar. Maar we moeten ook de mensen van middelbare leeftijd
(45-70 jaar) en dan vooral de mannen niet over het hoofd zien.

We gebruiken al deze ideeën om te kijken hoe we de aanpak van eenzaamheid in 2019 kunnen versnellen. We doen dit in lijn met het landelijke initiatief “Een tegen eenzaamheid”. 


De inspanningen richten zich in 2019 op:

Lokale alliantie opzetten: publieke en private partijen binden aan de bestrijding van eenzaamheid en in kaart te brengen wie wat doet of gaat doen.

Bewustwordingscampagne: door aandacht te besteden aan onder meer de Week tegen Eenzaamheid, en lokaal voorlichting over dit thema te gaan geven.

Een jaarlijkse activiteitenplanner Eenzaamheid ontwikkelen: in kaart brengen wat er in de stad gebeurt (bijv. tijdens de Week van de Eenzaamheid).

Samen met partners mogelijkheden onderzoeken voor meer sport- en cultureel aanbod voor ouderen.

Samen met de wijkteams onderzoeken of we jaarlijkse huisbezoeken aan 75+ huishouden gaan doen (bijv. in samenwerking met partijen die al bij de ouderen thuiskomen, bijv. ook vrijwilligersorganisaties).

In kaart brengen en met de betrokken wijkpartners delen in welke wijken de eenzaamheid het grootst is.

Onderzoeken of het wenselijk is om net als in Rotterdam ook een ‘lokaal meldpunt eenzaamheid’ in het leven te roepen.

Naast de extra inspanningen in het kader van de Alliantie is het stimuleren van ontmoetingen in de wijk een belangrijk deel van bestaand beleid. Wijkteams worden aangespoord een stevig netwerk op te bouwen met initiatieven in hun wijk, zodat zij Zaankanters kunnen verwijzen naar activiteiten met wijkbewoners. Verenigingen, maar zeker ook de twintig buurthuizen in Zaanstad bieden allerlei laagdrempelige voorzieningen die helpen anderen te ontmoeten.

Vervoer is geregeld een knelpunt, voor eenzame ouderen. Hoe kom je naar die activiteiten? Zij missen een netwerk, kunnen niet altijd iemand vragen om hen
even te brengen.

Het aanvullend openbaar vervoer biedt ook niet altijd uitkomst. Een van de aanwezigen is bezig met het initiatief van de Beweegbus, die in Amstelveen al
bestaat. De bus vol met sportattributen komt op locatie, gaat naar mensen toe!

In 2019 doen we onderzoek naar de mogelijkheid om het aanvullend openbaar vervoer beter te laten aansluiten op de behoefte van ouderen (mobiliteit op maat). Verder wordt specifiek in Westzaan onderzocht wat het vervoersprobleem onder ouderen inhoudt en welke mogelijke oplossingen dit vraagt.

Ook kleinschalige wooninitiatieven kunnen de eenzaamheid verminderen. In
bepaalde woonvormen maak je samen met anderen gebruik van bijvoorbeeld een gemeenschappelijke ruimte zodat je elkaar vanzelf tegenkomt. Dergelijke
woonvormen kunnen niet alleen ouderen samenbrengen maar ook jongeren en ouderen, zodat mensen elkaar ook onderling kunnen helpen. Maak deze vormen mogelijk in de eigen wijk zodat mensen in hun vertrouwde buurt kunnen blijven
wonen.

We onderzoeken in 2019 de mogelijkheden voor het realiseren van een Knarrenhof en een Thuishuis. Hierover worden gesprekken gevoerd met die twee initiatieven. Ook wordt gezocht naar geschikte locaties en marktpartijen.

Het meldpunt Overlast en Bemoeizorg (GGD Zaanstreek-Waterland) is niet
duidelijk herkenbaar als meldpunt voor eenzaamheid, maar wordt meer
geassocieerd met verwarde personen. Het zou goed zijn als de naam wordt
aangepast en de bekendheid vergroot.

We gaan hierover praten met de GGD Zaanstreek-Waterland, zo nodig in regionaal verband. Mogelijk is dit snel op te lossen.

En we onderzoeken of het wenselijk is om net als in Rotterdam een ‘lokaal meldpunt eenzaamheid’ in het leven te roepen.

Gezond leven – Hoe kunnen we bewegen voor alle leeftijden aantrekkelijk maken?

Bewegen draagt in belangrijke mate bij aan de gezondheid van onze inwoners. Steeds meer mensen bewegen of sporten niet bij een vereniging maar individueel of binnen een kleinere groep (joggen, bootcamp). Bestaande sportverenigingen zien het aantal leden teruglopen. Maar zij zien ook kansen om mensen met een ander sport- of bewegingsprogramma aan zich te binden, zoals ‘walking football’ bij Zaanlandia.
Sporten in groepsverband heeft een belangrijke maatschappelijke betekenis. Om nieuwe creatieve vormen van sportbeoefening of beweging voldoende mogelijkheden te bieden, onderzoekt de gemeente niet alleen de maatschappelijke kansen maar kijkt zij ook hoe de inrichting van de openbare ruimte daarop kan inspelen.
Beweging en sport dragen bij aan een gezond gevoel, maatschappelijke saamhorigheid, hogere arbeidsproductiviteit en lagere ziektekosten.

De stad 

Het advies

Is er een mogelijkheid om in de openbare ruimte naast speelplekken voor
kinderen ook beweegplekken en -toestellen voor volwassenen en ouderen te plaatsen? Ouders of opa’s en oma’s van de spelende kinderen kunnen dan ook bewegen en andere buurtbewoners kunnen ook de smaak te pakken krijgen.
In een buurt kan het met koffie of gezonde voeding ook een makkelijk en gezellig moment zijn om elkaar te treffen.

Bij gebiedsontwikkeling is sprake van bestemming van de openbare ruimte. Wij gaan de functie van openbare ruimte betrekken bij het maken van de gezondheidsvisie. Anderzijds brengen we de elementen inspanning, ontspanning en ontmoeting in bij plannen voor gebiedsontwikkeling.     

Zaanse sportverenigingen kunnen zich met een ander aanbod gaan richten op mensen ouder dan 45 jaar, die vaak geen aansluiting meer vinden bij sportclubs.
Een mooi voorbeeld hiervan is Walking Football bij voetbalvereniging Zaanlandia.
De mensen die daarop af komen, nemen zelf ook weer anderen mee.

Het Sportbedrijf ondersteunt verenigingen om beter te kunnen inspelen op nieuwe behoeften aan sport of beweging vanuit de samenleving. Het ‘walking football’ slaat ook bij andere verenigingen aan. Meer clubs hebben plannen om dit aan te bieden, zoals in Assendelft. Geïnspireerd door ‘walking football’ gaan we de uitdaging aan om samen met diverse sociale partners in de wijk een aanbod van (sport)voorzieningen te ontwikkelen dat aansluit bij wat er in de wijk speelt.

Scholieren in het voortgezet onderwijs bewegen weinig en stoppen vaak met
sporten bij verenigingen. Atletiekvereniging Lycurgus heeft een scholierenplan
om jongeren op het voortgezet onderwijs buiten de schooluren aan het sporten
te krijgen of houden. De uitvoering is gekoppeld aan scholen en kent lage kosten, omdat de sportinfrastructuur al bestaat. Mogelijk kunnen meer verenigingen hun accommodatie ook op deze manier benutten. Het mes snijdt dan aan twee kanten.

Zaanstad werkt samen met partners in de stad mee aan de rijksregeling “Impuls Onderwijs, Sport en Cultuur”. Doel hiervan is meer samenhang in aanbod onderwijs, sport en cultuur. De coördinatie hiervan ligt bij het Sportbedrijf. Het genoemde initiatief sluit mooi aan bij dit programma en zal worden betrokken bij de komende aanbesteding via het Sportbedrijf.

In Poelenburg is een mooi initiatief geweest voor een jongere doelgroep. Op
speciale tijden konden zonen en vaders samen zwemmen. Op die manier komen
beide in beweging en versterken zij hun onderlinge band.

Het programma Jongeren op Gezond Gewicht (JOGG) heeft dit tijdelijk ondersteund. Helaas werd hiervan maar door een kleine groep mensen gebruik gemaakt. De gemeente gaat dit niet doen.

Sommige ouderen kunnen vanwege financiële redenen niet sporten. Een sportpas
kan een idee zijn.

We gaan onderzoek doen naar de motieven en belemmeringen van ouderen om te sporten, zodat we samen met de sportaanbieders in de stad hierop een antwoord kunnen vinden.

Sommige mensen kunnen vanwege fysieke problemen niet voldoende bewegen of sporten. Sporten onder begeleiding – al dan niet op medische indicatie- is een oplossing.

Het Sportbedrijf biedt sinds 1 januari 2019 ondersteuning aan inwoners met beperkingen, met als doel dat ook deze groep inwoners kunnen sporten. Daarbij maken zij gebruik van het (digitale) platform Unieksporten.nl waarbij vraag en aanbod bij elkaar worden gebracht. Sporten in competitieverband wordt regionaal georganiseerd. In Zaanstad werkt het Sportbedrijf samen met de verenigingen en het Platform Aangepast sporten aan een lokaal recreatief beweeg- of sportaanbod voor mensen met een beperking. 

Sport is niet voor alle mensen aantrekkelijk. Sommige ouderen zijn bijvoorbeeld moeilijk te mobiliseren. Dit is hun eigen keuze, maar de gemeente kan wel een rol spelen om het te stimuleren en faciliteren.

Het is lastig om mensen te mobiliseren die niet willen, maar bij de visie-ontwikkeling sport en gezondheid in 2019 zullen we kijken of we daarvoor ideeën kunnen ontwikkelen.

Gezond leven – Hoe kunnen we de sociaal wijkteams optimaal zorg en ondersteuning laten bieden? 

De Sociaal Wijkteams (SWT’s) zijn een belangrijke spil in de wijk. Zij ondersteunen inwoners die dat nodig hebben. Zij hebben ook als taak om de kracht van de wijk aan te boren en te versterken, samen met partners in de wijk zoals de buurthuizen. In de 150 dagen gesprekken met de stad ging het dan ook geregeld over de wijkteams. Aan de orde stelden mensen bijvoorbeeld een betere samenwerking tussen en binnen teams, meer regie, de spanning tussen generalisten en specialisten en opvattingen over het thema zelfredzaamheid.
Deze aandachtspunten zijn ook in het veld bekend en eerder besproken. In de nieuwe contracten met de wijkteams, die in 2019 van kracht worden, zijn hierover verschillende afspraken vastgelegd. Wij gaan ervoor zorgen dat die afspraken goed worden nageleefd en dat de wijkteams ook in staat worden gesteld om hun werk goed te doen.

De stad wil ook zorgvuldigheid en aandacht bij de overdracht van kennis en expertise van ‘oude’ op nieuwe wijkteams, zodat de ondersteuning van inwoners optimaal wordt gecontinueerd. Als gemeente waken we er samen met de wijkteams voor dat dat de overgang de dienstverlening niet belemmert en dat de bestaande samenwerking met partners wordt voortgezet. Uiteraard is er ook ruimte voor vernieuwing van de aanpak om mensen nog beter te ondersteunen en de kracht van wijkbewoners beter te benutten.

De stad 

Advies 

De gemeente heeft netwerkers nodig in de wijk, die dicht bij de inwoners staan en niet verbonden zijn aan zorgorganisaties. De wijkmanagers staan in de beleving van sommige mensen te ver af van de inwoners en spreken te veel ‘gemeentetaal’  Anderen zijn juist erg tevreden over de wijkmanagers van hun wijken en kennen hen als bevlogen en betrokken personen die verbinden.
Ook wordt aangegeven dat wijkmanagers te druk zijn en zich te weinig richten op jongeren
en mantelzorgers.

Dit jaar vinden gesprekken plaats over de verdere ontwikkeling van de rol van de wijkmanagers. De genoemde ervaringen betrekken we hierbij. Netwerken zit in de opdracht van de wijkteams en wijkmanagers. De gemeente voelt er niet voor om nog weer andere ‘netwerkers’ in wijken aan de slag te laten gaan.

 

Niet iedereen weet waar het Sociaal Wijkteams voor is. Dat geldt ook voor Meedoen Zaanstad.


Dat de wijkteams beter bekend moeten worden betrekken wij bij de doorontwikkeling en in de afspraken met de nieuwe teams in 2019. 

Meer aandacht voor Meedoen Zaanstad, dat mogelijk maakt dat kinderen uit gezinnen met lage inkomens kunnen sporten of deelnemen aan culturele activiteiten, betrekken wij bij de verdere plannen in het armoedebeleid. 

Schulddienstverlening en Sociaal Wijkteams:

Bewindvoerders in de schulddienstverlening ervaren te veel hokjes in Zaanstad,
waartussen weinig tot geen samenwerking is. Zo werken niet alle wijkteams op dezelfde manier bijvoorbeeld.

Er is behoefte aan een platform waarop ingewikkelde individuele schuldgevallen kunnen worden besproken, zodat je onbedoeld ongewenste situaties voorkomt. Een voorbeeld:
een wajonger, die zo veel reisgeld betaalt om op zijn werk te komen, dat het beter is om
hem te adviseren te stoppen met die baan.


Bewindvoerders beklemtonen dat schuldhulpverlening een aparte tak van sport is. Bewindvoerders willen voor schuldhulpverlening de wijkteams overslaan en direct
afspraken maken met de gemeente. Momenteel loopt een pilot op om te voorkomen
dat er werk dubbel wordt gedaan, hetgeen nu wel het geval is.

In 2019 gaan bewindvoerders en de wijkteams in gesprek. Hierin stellen we deze punten aan de orde, maar kan ook casuïstiek een onderwerp zijn.  

Verwachten we te veel algemene kennis van de wijkteams? Hebben we meer behoefte aan specialisten binnen die teams?

Mensen worden al langer aangesproken op hun zelfredzaamheid. Het gevaar is dat we die zelfredzaamheid bij kansarme Zaankanters overschatten. We moeten voorkomen dat die mensen, als zij eenmaal de stap naar een wijkteam hebben gezet, teruggestuurd worden omdat ze het op eigen kracht moeten doen.

Deze aandachtspunten herkennen we en hebben we opgenomen in de nieuwe contracten met de wijkteams per 2019. We zullen er op sturen dat de contracten goed worden nageleefd en dat de wijkteams ook in staat worden gesteld om hun werk goed te doen. Met name in het startjaar 2019 maar natuurlijk ook gedurende de hele contractperiode. 

De aanbesteding van wijkteams na 4 jaar, belemmert de continuïteit van de dienstverlening. 

 

Bij de aanbesteding is juist continuïteit een belangrijk uitgangspunt.  Daarom zetten we nu ook in op een contractperiode van (maximaal) 8 jaar. We zijn er samen met de wijkteams alert op dat de overgang de dienstverlening niet belemmert en dat de bestaande samenwerking en doorontwikkeling met partners wordt voortgezet. Daarbij moet ruimte zijn voor vernieuwing van de aanpak om mensen nog beter te ondersteunen en de kracht van wijkbewoners gerichter te benutten.

Er is lof voor het maatwerkbudget van Zaanstad. Het werkt echt goed. Hoe goed het werkt
is ook wel afhankelijk van wie er in wijkteam zit.
Er zijn ook ervaringen met willekeur als het gaat om het maatwerkbudget. Een voorbeeld:
Er zijn cliënten die al tien jaar in de ellende zitten en niet worden geholpen, terwijl een
ander, die als gevolg van de aanwezigheid van een wietplantage uit huis wordt gezet, wel wordt geholpen.

We herkennen de wens tot meer uniformiteit tussen de wijkteams en tussen medewerkers in een wijkteam. Met behoud van maatwerk zullen we hier ook voor houden in de afspraken met de wijkteams. Daarbij merken we op dat het ingewikkeld werk is dat de wijkteams doen; iedere situatie vraagt maatwerk. Er gaat natuurlijk ook wel eens iets mis, maar van ‘willekeur’ is geen sprake. 

Nieuwsgierig naar de andere thema's? 

Prettig wonen

De Welvarende stad

Duurzaam en Groen

Hoog contrast
Ga naar Zaanstad.nl