Themabijeenkomst Welvarende Stad

Zorgen over arbeidsmarkt domineren gesprek over de ‘Welvarende Stad’

Wanneer is een stad welvarend? De thema’s die daaraan bijdragen zijn divers, van armoedebestrijding en onderwijs tot vestigingsklimaat en toerisme. De breedte van het onderwerp trok een diverse groep van zo’n 30 geïnteresseerde inwoners en professionals naar dorpshuis De Kwaker in Westzaan. Vier wethouders gingen aan twee thematafels met hen in gesprek. De mismatch tussen het aanbod van (toekomstige) werkzoekenden en werkgevers die dringend op zoek zijn naar, vooral technisch geschoold, personeel speelde aan beide tafels een belangrijke rol. 

Vier wethouders trapten af met een korte inleiding over hun belangrijkste uitdagingen. Natasja Groothuismink ging in op het belang van werk om deel te kunnen nemen aan de maatschappij. Nog steeds profiteren te weinig Zaankanters van de economische groei. Ondernemer Leon Hamming vroeg zich af waarom juist in Zaanstad de lage arbeidsparticipatie zo hardnekkig is, terwijl we in een economisch florerende regio liggen. Volgens Groothuismink gaat het om een landelijk probleem. “Er is een groep die ook in economisch goede omstandigheden niet aan een baan komt”, zei ze. “Die doelgroep hebben we onvoldoende in kaart. Je moet de mensen echt kennen en spreken.”

Gerard Ram legde zijn toekomstbeeld aan de zaal voor. “Ik zie een Zaanstad met een ondernemingsklimaat waar iedereen jaloers op is. Er is geen werkloosheid meer, want er zijn genoeg kansen voor iedereen om een baan te vinden.”
Het zichtbaar maken van die kansen is wat hem betreft het belangrijkst. Het gaat om de wisselwerking tussen onderwijs en ondernemingen, maar ook om de vraag welke bedrijven we als Zaanstad binnen willen halen. Ondernemer Ton Koomen vroeg om eerst aandacht te geven aan de bedrijven die al in Zaanstad zitten in plaats van te focussen op het binnenhalen van nieuwe bedrijven. Volgens Ram gaat het om de combinatie. “Neem het duurzame verpakkingsbedrijf Hordijk. Dat bedrijf hebben we een nieuwe locatie kunnen geven, waardoor het kon uitbreiden. Zo helpen we een mooi Zaans bedrijf om te groeien en geven we ruimte aan nieuwe bedrijven.”

Rita Noordzij benadrukte het belang van buurtinitiatieven die gericht zijn op ontmoetingen tussen mensen. “Een buurthuis is een goede plek om mensen basisvaardigheden te leren als opstap naar regulier werk. Bureaucratische regels zitten echter vaak in de weg om de stap naar de arbeidsmarkt te maken. Mensen zijn bang om toelages te verliezen of vrezen dat ze niet meer terug kunnen in de uitkering als ze eenmaal betaald werk doen. Daar moeten we wat aan doen.”

Nieuwe kansen voor banen ziet Sanna Munnikendam vooral in het toerisme. “De Zaanse Schans heeft 2,2 miljoen bezoekers per jaar en groeit naar 3 miljoen. Slechts een fractie daarvan bezoekt andere plekken in Zaanstad. Dat is jammer. Daarom willen we spreiden. Dat zou een enorme impuls geven aan de werkgelegenheid.”

Presentator Gerard Alders stelde de vraag of we dan geen Amsterdamse toestanden krijgen met rolkoffers en bierfietsen. Munnikendam wil vooral inzetten op kwaliteit en ziet wettelijke mogelijkheden om de bierfietsen van de Zaanse Schans te weren.

Economie en onderwijs 

Hoe overbrug je de kloof tussen ondernemers die arbeidskrachten zoeken en de mensen die op zoek zijn naar werk? Annemieke Goudsmit ] van het Burgerplatform: “Waarom is er niet gewoon een website waar mensen die werk zoeken zich kunnen aanmelden en waar werkgevers mensen kunnen zoeken?”

Wethouder Ram vroeg zich af hoe je die match maakt; de gemeente is immers geen uitzendbureau. “Als je 4200 mensen in een kaartenbak hebt, moet je die onderverdelen in groepen en kijken wat voor elke groep interessant is. Dat moeten we dan samen doen.”

Annemieke vond dit allemaal nogal betuttelend en was van mening dat werkgevers zelf wel kunnen selecteren. Sanna Munnikendam waarschuwde er echter voor dat veel van deze mensen iets meer begeleiding nodig hebben voor succes. Daarvoor is een meer persoonlijke benadering nodig.

Gerbrand de Lange van OVO (voortgezet onderwijs) legde een bruggetje naar het onderwijs. “De sociaaleconomische situatie thuis is vaak bepalend voor succes op school. “Wij zijn maar een tussenstation en onze taak is het om kinderen goed voor te bereiden op verdere keuzes. De uitdaging die ik zie, is hoe we kinderen interesseren voor techniek. Daar liggen heel veel kansen en als we daar niet de mensen voor vinden, kan dat een remmende factor worden voor de economie.”

De koepelorganisatie is nu aan het kijken hoe ze kinderen die niet van nature in techniek geïnteresseerd zijn, toch warm kan maken voor een loopbaan in deze sector. “Sommige kinderen hebben een interesse in ondernemerschap of in het oplossen van ingewikkelde problemen. Die interesses kun je ook prima kwijt in de techniek. Op die manier proberen we kinderen enthousiast te maken, bijvoorbeeld voor robotica. Maar daar hebben we de ondernemers en de gemeente hard bij nodig.”

Zijn collega van het basisonderwijs sloot daarbij aan. Ook hij wil al op het basisonderwijs kinderen enthousiasmeren voor techniek. Wat hij wel ziet, is dat het heel belangrijk is om ouders mee te nemen. “Er is een teleurgestelde groep ouders, die kinderen niet de energie geven die nodig is.”

Ram vroeg of scholen voor die ambities het bedrijfsleven nodig hebben. Het antwoord was een volmondig’ ja’, maar in de praktijk bleek het vaak lastig. “Als je praat over basisschoolleerlingen, dan komen die pas over 10 of 15 jaar op de arbeidsmarkt. Dat is verre toekomst voor veel mensen.”

Werk, inkomen, armoede en onderwijs

Aan de tweede tafel ging het gesprek vooral over armoede en de enorme wirwar aan regels waar mensen met een uitkering en afstand tot de arbeidsmarkt in terecht komen. Sonja Konijn, die van een uitkering leeft en maar moeilijk de eindjes aan elkaar kan knopen, deed uitgebreid verslag van haar strijd tegen de bureaucratie. Mevrouw Gunes legde de vinger op wat volgens haar de zere plek is: “We zijn van een verzorgingsstaat veranderd in een participatiesamenleving, maar sommige mensen zijn gewoon niet zelfredzaam. Als ze dan bij een wijkteam komen, worden ze weer naar huis gestuurd.”

Gespreksleider Ron Schmidt van de gemeente vroeg zich af wat ondernemers nodig hebben om een brug te slaan naar de mensen die al langer aan de zijlijn staan. Michel Zonneveld van het UWV wilde graag met werkgevers in gesprek en ze aansporen om meer te doen. “Ze zoeken mensen, maar dan moeten ook zij toenadering zoeken”, zo stelde hij. “Ze moeten investeren in scholing van mensen. Dat is niet de taak van de overheid.”

Wat wel nodig is, volgens enkele aanwezigen uit onder meer de schuldhulpverlening, is het ‘ontzorgen’ van werkgevers. Zij zien soms door de bomen het bos niet meer en willen geholpen worden bij administratieve procedures en regelgeving.

De problematiek is hardnekkig, zo bleek al snel. De mensen die nu bij het UWV in de spreekwoordelijke kaartenbak zitten, zo’n 5.000 tot 6.000 mensen hebben volgens Michel Zonneveld per definitie een afstand tot de arbeidsmarkt. “Het is een enorme klus om in kaart te brengen wat die mensen willen en kunnen.”

Spreiding toerisme

Ondertussen was aan de andere tafel het gesprek bij het onderwerp toerisme uitgekomen. Annemieke Goudsmid vond al die aandacht voor toeristen wat overdreven. “De mensen in Zaanstad moeten ook van de natuur en cultuur kunnen genieten. Zorg eerst dat de infrastructuur voor hen goed is, voordat er mensen van buiten worden gehaald”, stelde zij. Met haar eerste punt was Sanna Munnikendam het eens. Ze voegde daar wel aan toe: “We zijn een arme gemeente en hebben de inkomsten uit toerisme hard nodig. Dus wat mij betreft is het en/en.”

Jerry Haan van Dorpscontact Westzaan was juist verbolgen over het feit dat een fietsroute vanuit Amsterdam door de Zaanstreek niet langs Westzaan kwam. Hij zou daar groot voorstander van zijn, zodat er meer toeristen ook naar Westzaan komen.

Een ander idee uit de groep had betrekking op de aantrekkingskracht van het water. Meer aanlegplekken zouden ruimte bieden aan toerisme op het water. Vanaf het water is Zaanstad immers nog mooier, zo werd gezegd.

Fleur Pastoors van Art Zaanstad maakte zich bezorgd over de slechte bereikbaarheid van het Hembrugterrein, waar onder andere haar bedrijf is gevestigd. “Er is inmiddels een ondernemersvereniging die zich inzet voor ‘Hembrug-branding’, maar hoe zorg je dat mensen er komen? Vooral in de winter.”

Veel gespreksdeelnemers noemden allerlei mooie kenmerken van Zaanstad die we veel meer zouden kunnen gebruiken om toeristen te trekken: van oude brandweerkazernes tot cacao. Sanna Munnikendam benadrukte nog eens de unieke rol die de Zaanstreek had als eerste industriegebied van de wereld.

Een kritische noot kwam van Astrid van der Meer van Koninklijke Horeca Nederland die nog steeds in afwachting was van de beloofde horecavisie. En Els Bakker hield in het kader van de horeca een pleidooi voor veel meer kwaliteit in de Zaanse horeca. “Je kunt hier nog steeds niet goed eten.”

Doe maar gek

Twee wethouders gaven tot slot een korte terugkoppeling van hun tafel. Natasja Groothuismink gaf aan dat de regels die arbeidsparticipatie belemmeren eens goed tegen het licht moeten worden gehouden. “Uiteindelijk gaat het erom dat mensen en instanties elkaar vinden.”

Gerard Ram zei ter afsluiting: “Je mag als gemeente een ambitie uitspreken, maar dan moet je ook regie nemen en doorpakken. Of het nu gaat om Hembrug of om het interesseren van kinderen voor techniek.”

De terugkoppeling van Els Bakker van de tafel die over economie, toerisme en onderwijs was kort en krachtig en refereerde aan de bescheidenheid van Zaankanters: “Doe maar gek, want jullie zijn al gewoon genoeg.”

Christa van Dalen, raadslid van ROSA en deelnemer aan de andere tafel pikte dit op en sloot af met: “Doe maar gek, want het is al ingewikkeld genoeg”, waarmee ze refereerde aan de regelgeving die arbeidsparticipatie op allerlei manieren in de weg staat.


Hieronder vindt u puntsgewijs de onderwerpen die aan de verschillende tafels zijn besproken.

Economie, toerisme, cultuur en onderwijs

Opbrengst thematafel

  • Kansen op werk: meer persoonsgerichte benadering en begeleiding  nodig. Idee: invoeren van buddy-systeem (zoals ook wordt toegepast in begeleiding statushouders).
  • Sociaaleconomische thuissituatie vaak heel bepalend voor kansen van kinderen. Zaanstad heeft de hoogste score laag geletterdheid. Onderwijsbesturen vragen aandacht voor kansengelijkheid en talentontwikkeling. Bij inzet op wegnemen onderwijsachterstanden niet alleen kinderen maar ook de ouders daarin meenemen (ouderbetrokkenheid, taal, etc). Naast primair en voorgezet onderwijs inzetten op de eerste 1000 dagen van een kind. Alle achterstanden die je daar oploopt, haal je niet meer in.
  • Meer energie steken in voorbereiding op keuzes voor de toekomst. Onderwijs is meer dan alleen rekenen en taal; ook vaardigheden.
  • Onderwijs moet ontlast worden van sociale problematiek. Daarbij steun vanuit de gemeente noodzakelijk
  • Niet ieder kind hoeft een intellectuele hoogvlieger te zijn. Meer aandacht en waardering voor b.v. technische vakken. “Praktisch-geschoold i.p.v. laaggeschoold”.
  • Veel werkgelegenheidskansen in de techniek, maar het lukt niet om een goede match onderwijs-bedrijfsleven tot stand te brengen. Begint al bij de basisschool> creativiteit en probleemoplossend vermogen bij kinderen stimuleren (vb. Kids Café – ontluikend ondernemen). Gebeurt te weinig.
  • Mooi initiatief is Pets. Ondernemerschap als skill voor de toekomstige basis van elk kind. Samen met onderwijs, bedrijfsleven en gemeente. Nu zet OVO hier flink op in. Relatie met bedrijven is goed maar ingewikkeld om ze aan je te binden. Zaan Primair geeft aan dat het een flinke tijdsinspanning vraagt. Oproep aan gemeente om hierin faciliterende rol te nemen.
  • Behoefte aan rol gemeente als bruggenbouwer tussen scholen en bedrijven.
  • Zaanstreek befaamd om houtbouw, maar we missen hier een technische opleiding op gebied van houtbouw/-restauratie. Succesvol HoutMeubelCollege in Amsterdam (3 minuten van station Sloterdijk), samenwerking opzoeken. Als we niet oppassen sterft het ambacht uit.
  • Zaanstad heeft op toeristisch gebied veel te bieden. Meer creativiteit is nodig om kansen aan te boren. Evenementen bieden goede kansen om de kwaliteiten van stad/streek op de kaart te zetten (koppeling toerisme - food-industrie). Samen met het bedrijfsleven de stad beter promoten. We zijn nog te vaak te bescheiden.
  • Stimuleren spreiding toerisme, door buiten de Zaanse Schans initiatieven uit de stad te ondersteunen, die bezoekers kunnen trekken. Maar Zaanstad moet in eerste instantie een aantrekkelijke stad zijn voor de bewoners
  • Cultuur is een breed begrip. Mag in Zaanstad wel wat meer een eigen gezicht krijgen: ruwer; ruiger en meer lef. “Zaankanter doe maar gek, want je bent al gewoon genoeg!”
  • Een ‘welvarende stad’ is ook een inclusieve stad, waarbij voorzieningen voor iedereen goed bereikbaar en toegankelijk zijn. Kijk bv. naar de slechte toegankelijkheid van het Hembrugterrein.
  • Ondernemersvereniging van het Hembrugterrein kan samen met gemeente en stichting SMZ meer doen aan de promotie en marketing van deze unieke culturele hotspot in de MRA ter bevordering van meer bezoekers en omzet.
  • Waardering voor de veranderende mentaliteit; stip op de horizon en trots op de Zaanstad en denken dat overstijgt boven dorpsniveau: ik zien nu al boten met een bord ZAANSTAD en dan denk ik YES!

Voorbeelden voor verbetering:

  • Westzaan opnemen in toeristische fietsroutes.
  • Leegstaande panden i.p.v. antikraak benutten voor werkruimten creatieve ondernemers.
  • Meer aanlegplekken voor overnachtingen op het water.
  • Museum Holland: niet alleen werken uit depots, maar ook hedendaags werk.
  • Horecavisie maken.
  • Zaanstad first in food: meer kwalitatieve restaurants.
  • Let op goede terugkoppeling aan deelnemers participatietrajecten.
  • Het college wil graag korte lijnen en direct persoonlijk contact met burgers en organisaties.

Werk & inkomen, armoede en onderwijs 

Opbrengst thematafel

Algemeen

  • Helaas is er in onze stad een grote tweedeling,  daar moeten we op focussen, want anders is het een gebroken stad.
  • Het gaat altijd over dat we een sociale stad moeten zijn. En we vinden dat iedereen aan het werk moet. Maar de praktijk is dat er niet voor iedereen werk is.

Schuldenproblematiek en armoede

  • Persoonlijk verhaal : heel moeilijk om met UWV en aanvulling van gemeente en toeslagen rond te komen. Met alle ziekenhuisbezoek en andere kosten geen geld voor noodzakelijk funderingsherstel.  Geen hulp van SWT.
  • Reactie bewindvoerders:  veel mensen hebben het moeilijk, we moeten het samen doen om mensen aan de onderkant te helpen, het kan beter, maar we moeten ook accepteren dat er mensen zijn die het niet kunnen. We hebben soms  verwachtingen van mensen die dat niet waar kunnen maken.
  • Er is steeds meer nadruk op zelfredzaamheid. Maar voor kansarmen is dat lastig, zij kunnen niet zo veel op eigen kracht. En als ze dan bij het wijkteam komen worden teruggestuurd omdat ze het op  eigen kracht moeten doen.
  • Mensen kunnen niet meer mee:  voor school moet je een pc en internet  en een telefoon hebben. Je wil als gemeente toch niet dat kinderen in armoede zakken door de financiële situatie van de ouders
  • Vraag:  moeten we als samenleving accepteren dat er een groep is die niet kan en moet je die verplichten een tegenprestatie te laten leveren. Of concentreer je op die mensen die wel willen en ook kunnen ?
  • Oproep aan de wethouders: Laat u informeren door casuïstiek van schuldhulpverleners. Soms is een zetje in de rug nodig, soms moeten we strenger zijn; voorbeeld: een moeder die elke vier jaar een kind krijgt  om maar niet te hoeven solliciteren.
  • Volgens bewindvoerders zijn er veel hokjes in Zaanstad die niet samenwerken. Niet alle wijkteams werken op dezelfde manier. We missen een platform om zaken te bespreken! Waar je casuïstiek kunt bespreken ( zoals voorbeeld van moeder)  om situaties vanuit verschillende instanties te doorbreken; sociale wijkteam, gemeente en bewindvoerders.
  • Ander voorbeeld: een wajonger die zoveel reisgeld betaalt om op zijn werk te komen dat het beter is om hem te adviseren  daarmee te stoppen.  Opgemerkt wordt dat daar de werkgever ook iets laat liggen. Die heeft daar ook een rol in.
  • Bij preventie schulden problematiek  ook banken betrekken.
  • Bewindvoerders:  schuldhulpverlening is een  aparte tak van sport. Bewindvoerders  willen voor schuldhulpverlening de wijkteams overslaan en direct naar de gemeente gaan. Hier loopt een pilot op, dat is een mooi initiatief om dubbel werk te voorkomen.
  • Vraag:  er is samen met de stad armoed beleid ontwikkeld. Een van de aanbevelingen was een loket met  daarin een duizendpoot / een regisseur  die kan doorverwijzen. Waarom is dat blijven liggen?
  • Er is lof voor het Maatwerkbudget. Dat doet Zaanstad echt goed.  Wel afhankelijk van wie er in wijkteam zit,  want er komt ook willekeur voor met maatwerkbudget. Er zijn cliënten die al tien jaar in ellende en niet geholpen worden, terwijl een ander die door een wietplantage uit huis wordt gezet, wel  wordt geholpen.

Kloof uitkering en werk

  • Hoe kunnen we regels simpeler maken, zodat mensen niet langer uit angst voor de rompslomp om opnieuw een uitkering aan te vragen afzien van het accepteren van een (tijdelijke) baan.  Idee: laat die uitkering staan en haal er iedere maand dat deel  af wat verdiend is. Zo was dat vroeger ook.
  • De vraag wordt gesteld wat werkgevers nodig hebben om kansarme  mensen kansen te geven.  Reactie : angst voor het onbekende wegnemen en ontzorgen  (bijv. helpen met regelingen, bureaucratie etc). Daarnaast helpen bij omscholing etc. Gemeente zou hierin rol moeten spelen.
  • Vraag van de bewindvoerders: gemeente maak een visie hoe we bijvoorbeeld door (om) scholing mensen uit die problematiek kunnen houden. Betrek daarbij ook de kansen van techniek. De arbeidsmarkt roept om technisch personeel.  Techniek vakken op de scholen zijn onderbelicht; zowel op basis als voortgezet onderwijs. 
  • Pleidooi voor goed werkgeverschap : zoek combinatie van mensen die goed, en minder goed zijn en maak die groep sterk met elkaar. Ook als mensen in de problemen komen kan je als werkgever met je werknemers daar wat aan doen. Zo kun je ook minder goed gekwalificeerde e mensen mee laten doen.
  • Organiseer een ondernemersborrel.

Functioneren wijkteams

  • Nieuwe aanbesteding wijkteams belemmert dienstverlening . 
  • Moeten we in de wijkteams wellicht terug naar meer specialismen . De SWT medewerkers  moeten van alles, maar kan die dat wel?
Ga naar Zaanstad.nl